Mediacontainer is een collectief van freelance journalisten. We zijn jong, enthousiast en kunnen alles voor u doen: schrijven, video, fotografie, webtoepassingen. U vraagt, wij draaien. Ons collectief heeft alle specialiteiten in huis. meer»
Vorige week legde VVD-coryfee Hans Wiegel nog aan WNL-presentator Joost Eerdmans uit slecht het tegenwoordig gesteld is met links Nederland. Uiteraard ondersteund met beelden van hippie-protesten uit de jaren ‘60.
Gisteravond bleek die setting geschrapt en kon Wiegel zich, recht in de camera kijkend, direct tot het volk wenden. Iets dat je zelden ziet op de Nederlandse kijkbuis, maar wel een typisch Wiegel-trucje dat hem nu weer goed van pas komt.
Wederom moet de PvdA het ontgelden. De partij is onvolwassen, terwijl ze vroeger nog zo verantwoordelijk was. “Dat valt me tegen”, aldus de nestor. En die Obama? “Een nogal linkse man die door de PvdA werd toegejuicht.” Wikileaks? “Gewoon een linkse actiegroep.” In de gelekte documenten staat niets bijzonders en toch is de pers erop gedoken “als een stel hyena’s”. Daar doet WNL dus niet aan mee.
Het is alsof de kijker iedere week bij zijn rechtse opa op de koffie gaat. Vroeger was alles beter. Vroeger kon je nog een beetje lachen met die linkse rakkers. Vroeger stelden ze tenminste nog wat voor.
Ook theedrinkend links Nederland mag dan aanschuiven. Wordt het vast een dolle boel.
Ze worden door Matthijs achtereenvolgens betiteld als “het nieuwe A-Team”, “het zogenaamd gemiste rechtse geluid op de Nederlandse tv” en “het sterrenteam van WNL”. Bij DWDD aan tafel de commentatoren Huffnagel, Nordholt, Lepeltak en vreemde eend in de bijt Vermeend (PvdA) geflankeerd door presentator Eerdmans.
De op sensatiebeluste kijker hoeft niet lang te wachten. Vrijwel onmiddellijk verzandt de discussie in jij-bakken. DWDD is volgens de heren te links, WNL zou niet objectief zijn. Er wordt met lijstjes politici geschermd. Tafelheer Mulder roept: “Jullie zijn eigenlijk overbodig!” Matthijs schiet in de verdediging.
Het zijn net schooljongens die een spelletje landjepik spelen. Smullen natuurlijk, maar we worden niet echt veel wijzer van het gebekvecht. DWDD is links, WNL nu nog rechtser: wisten we al.
Aan het eind wensen de kemphanen elkaar enigszins spottend succes met hun programmaatje. Mooi zo.
Na dit tv-seizoen wordt aan dezelfde tafel ongetwijfeld de rekening opgemaakt. Tot dan mag de tv-kijker weer zelf bepalen of hij iets links of rechts genoeg vindt. Zo hoort het ook, het blijft per slot van rekening uw Publieke Omroep, van uw belastingcenten.
Dan gaat het vanaf nu hopelijk weer over echt belangrijke zaken.
Bianca staat stram voor haar popcornmachine, ze is een beetje zenuwachtig omdat ze tegen een camera praat. Ze verkoopt zoute popcorn omdat ze zoete niet lekker vindt wat in Paramaribo zo’n 700 euro per maand oplevert, een zakcentje voor erbij. Van de inkomsten wil Bianca uiteindelijk een huis kopen met drie slaapkamers. Maar eerst moet de popcornmachine worden afbetaald.
Dat is alles wat het programma Wat is jouw paradijs? te bieden heeft. Binnen een halve minuut ben je iets wijzer over iemand die aan de andere kant van de wereld woont, toevallig een camera passeerde, en aangesproken werd door de filmers.
Het gaat om een kunstproject dat deze week in veertig delen wordt uitgezonden op NTR. De makers zijn overal ter wereld geweest om mensen te vragen wat ze doen en wat ze willen. Een prima vakantie en weinig werk voor Martin, Inge en Frederik, denk ik direct.
Korte meningen van mensen – voxpop in het jargon – horen bij televisie en worden meestal gebruikt als vulmiddel voor nieuwsprogramma’s als de verslaggevers echt niet meer weten wat ze moeten uitzenden. Zonder het bijbehorende item komt zo’n losstaande mening helemaal uit de lucht vallen. Van mij hoeft het niet. Gelukkig praten de paradijsvogels niet zo lang.
De klanken van het kerkkoor klinken stemmig. De oprijlaan is wit en de trappen van het paleis lijken te verraden dat vandaag nog niemand naar binnen of naar buiten is gegaan. Binnen kijkt ze statig in de camera. Handen over elkaar geslagen, rechte rug, tijd om het volk voor het komende jaar van advies te dienen.
Aan haar blik is te zien dat het geen feestelijk praatje wordt. Ze haalt diep adem en dan begint het. De basis moet sterk blijven, het maatschappelijk weefsel staat onder spanning, het komt aan op maatschappelijke verbondenheid en wie zich deelnemr voelt wordt ook gesterkt in het besef van eigenwaarde.
Terwijl ik mij afvraag hoeveel Nederlanders dit jaar werkelijk begrijpen waar ze het over heeft let ik op de kerstversiering. Een ring aan de rechter ringvinger, een wat kleinere zonder steen aan de linker pink. Gouden armbanden, een broche en een paar oorbellen maken het af. De huid in haar nek begint steeds losser te hangen valt me op. Haar stem is wel nog vast.
“Het is niet nodig om elkaar te overtuigen om elkaar te kunnen verdragen”, hoor ik nog. En dan is het plots voorbij. Schubert klinkt, de camera beweegt naar het sneeuwtapijt, het beeld wordt wit. Het feest kan beginnen.
Woedend zijn de ouders van Nederland. Robert M. is volgens de ronkende internetonderbuik een duivel, een kinderverkrachter, een smeerlap en een heel zieke viezerik. De straffen voor hem zijn ook al bedacht: branden in de hel, stenigen, vierendelen, ballen eraf, opensnijden met scheermessen of kogels door zijn knieschijven.
Hoe de kinderen zich voelen onder dit nieuws, en wat die kinderen daar zelf van moeten vinden valt in ieder geval niet op te maken uit het Jeugdjournaal. Opmerkelijk, want al hun volwassen nieuwscollega’s hadden gisteravond opnieuw uitgebreid aandacht voor Robert M. In het Jeugdjournaal ging het over paarden, Berlusconi die “jonge dames veel aandacht geeft” en HIV in Afrika. De wanpraktijken in het Hofnarretje draaien sinds dinsdagochtend niet meer mee.
Jeugdig Nederland is weliswaar maandag- en dinsdagochtend uitgelegd dat er een man is die ‘seksuele dingen gedaan heeft’ met kinderen en dat sommige mensen het ‘opwindend vinden’ om blote kinderen te zien. Wat die kinderen verder moeten met de reacties van ouders die wat minder genuanceerd zijn blijft buiten schot.
Juist het Jeugdjournaal zou op dit moment kunnen duiden en het gesprek tussen ouders en kinderen kunnen helpen. Aan de ene kant is het ontbreken begrijpelijk. Maar kinderen zijn niet dom. De waarheid blijft hard en onverbiddelijk. Een gemiste kans.
Als het goed is blaast er na het dichttrekken van de voordeur morgenochtend een uiterst gure wind door uw haren. De volgende ijstijd staat voor de deur, voorspeld door onheilsboden die wij tegenwoordig metereologen noemen. De gezichten van de weerorakels stonden vanavond dan ook op onweer.
Helga van Leur kijkt op RTL 4 ernstig in de camera en legt de nadruk op “gevóélstemperaturen” die oplopen tot min vijftien graden. “Kouderecords kunnen gebroken gaan worden”, luidt de waarschuwing. Dit alles met een bezorgde maar strenge moederlijke blik die lijkt te zeggen: muts op en denk aan je sjaal!
Bij onze zuiderburen zijn de problemen ernstiger. VRT-weerman Frank kondigt met frons op het voorhoofd bijkans de apocalyps aan. November in Vlaanderen was een “supersombere maand”. Dat is niet alles: gruwelijke kou, diepvrieskou, bitterkou en transportkoude komen langs gevolgd door “wind die aan de ribben blijft kleven”. Het wordt dan ook “zeer minnetjes”. Zijn advies: ga eens langs bij de minder bedeelden om te kijken of ze het allemaal wel overleven.
Marco Verhoef krijgt bij de NOS een voorzetje voor een positieve wending aan zijn bericht. “Goed nieuws voor de schaatsers?”, probeert anchor Rob Trip tevergeefs. Ook de schaatsers hebben voorlopig pech.
Van mij mag het nog even ijzig blijven. In ieder geval totdat ik alle superlatieven uit de weertaal heb gehoord.
Het koninklijk huis blijft fascineren. Daarom probeert de NCRV zijn camera’s te richten op de Prinsen van Oranje. Dat is lastig want die prinsen zitten helemaal niet te wachten op cameraploegen en lastige vragen.
In Heren van Oranje wordt duidelijk dat de prinsen tot de netwerkgeneratie behoren. In tegenstelling tot hun moeder houden ze wél van Twitter en LinkedIn. En ook offline netwerken gaat ze makkelijk af. Titels openen immers deuren. “De vriendschappen en contacten zijn verweven met elkaar”, concludeert presentatrice Jetske van den Elzen. Goh!
Het programma blijft een hoop gespeculeer met journalisten, royalty watchers en vage kenissen die af en toe wel eens iets te maken hebben gehad met Bernhard Jr, Friso en Pieter Christiaan. Bij gebrek aan beter materiaal passeren oude koeien als Mabelgate en de Lockheed-affaire van opa Bernhard de revu.
Hou je vast: slechts één vraag wordt er voor deze netwerkaflevering gesteld aan een prins. Of hij een beetje een leuke avond gaat hebben op een première? Zijn kort samengevatte dieptequote luidt ‘ja’.
Doordat ze zo onbereikbaar zijn word ik door Heren van Oranje nou niet direct wijzer over de bloem der koninklijke natie. Het blijft bij speculeren over onbenaderbare mensen. Misschien kan Jetske voor wat meer diepgang eens de beproefde kikkerprinsmethode uit de kast halen.
Na de schreeuwchef, de topchef, de jongensachtige chef, de amateurchef en de huis-tuin-en-keuken-chef zou je toch zeggen dat alle ideeën voor een kookprogramma zo langzamerhand wel uitgeput zijn. Wie dat denkt heeft het mis, bewijst Iron Chef.
De Iron Chef is een soort Chinese kung fu overlord gehuld in zwarte buis die de strijd aan gaat met vier karate kids in witte kleding. De meester van de keukenarena kondigt het ingrediënt van de dag aan: biefstuk! Als dat maar goed gaat! Zoiets is nog nooit vertoond!
En wat gaat onze Iron Chef maken? “Gewoon een simpele biefstuk.” Oeoeoeoeh, spannend. De commentator hóudt het bijna niet meer terwijl hij als een oorlogsverslaggever in de loopgraven heen en weer snelt tussen de kandidaten. De camera wiebelt overdreven zenuwachtig heen en weer. De muziek zwelt aan. De gerechten worden geproefd. De uitdagers winnen, zonder dat we weten waarom.
Iron Chef is een continu doordraaiende, absurde paniekfabriek. Als kijker ga je zelf haast peentjes zweten omdat je niet doorhebt wat er precies op de fornuizen gebeurt. Van mij hoeft het niet. Als ik een combinatie van rugby en Takeshi’s Castle wil kijken dan koop ik wel een extra tv. Ik zap Discovery weg voordat ik zelf oververhit raak.
Waterzooi, witloof, paling in ‘t groen en de mitrailette, een soort frietje kapsalon maar dan op brood. De Belgen hebben ons al heel wat gebracht op culinair gebied.
In Dagelijkse Kost brengt de Vlaamse Jamie Oliver Jeroen Meus zijn landgenoten het een en ander bij over de hedendaagse volkskeuken. Vanavond maakt hij viskoekjes. Dan lusten kinderen plots wel vis. En volwassenen kunnen het ook waarderen.
Het fijne aan het programma is dat er in een minuut of tien één recept wordt uitgelegd dat iedereen zo kan maken op een doordeweekse dag. Dit in tegenstelling tot veel Nederlandse kookprogramma’s die nogal eens de neiging hebben hoog in de culinaire boom te zitten.
Meus zelf ziet eruit als je iets te hippe buurman die graag in zijn overprofessionele thuiskeuken voor je kookt. Storend is dat niet. Het enige dat een beetje overdreven is zijn de constante shots met diepte-effect.
Gelukkig wordt dat gecompenseerd door Meus’ gemoedelijke Vlaams accent. Simpel is het en simpel blijft het.
Wheeler Dealers is zo’n programma waardoor je vriendin na een halve blik op de buis de kamer verlaat begeleid door een verveeld: “Saaaaaaai.” Ook veel mannen zullen snel verder zappen.
Dat is op zich niet vreemd. Het programma draait namelijk om twee mannen van middelbare leeftijd die oude auto’s kopen, oplappen en weer verkopen. Dealer Mike is een popijopie autoverkoper waar je op feestje liever niet naast gaat zittten omdat hij vast de hele tijd flauwe moppen vertelt. En monteur Edd krijgt het voor elkaar om bijna tien minuten lang te laten zien hoe je de motorkap van een Alpha Spider voorziet van een nieuwe laklaag.
Toch ben ik altijd blij als ik thuiskom en Wheeler Dealers op tv is. In tegenstelling tot vergelijkbare autoprogramma’s als Pimp My Ride en American Hot Rod mondt het voor de verandering eens niet uit in een ‘jongens van de garage’-soap. Bijkomend voordeel is dat alles altijd hetzelfde gaat, dus je weet wat je kan verwachten.
Kortom: het is gezapige mannen-tv. Precies waar ik zin in heb na een dag hectiek op de werkvloer.