Mediacontainer is een collectief van freelance journalisten. We zijn jong, enthousiast en kunnen alles voor u doen: schrijven, video, fotografie, webtoepassingen. U vraagt, wij draaien. Ons collectief heeft alle specialiteiten in huis. meer»
Uitgezakt op de bank probeer ik op die ene artiest van dat ene nummer te komen. De naam ligt op het puntje van mijn tong, maar gelukkig weten mijn mede-bankzitters het ook niet. De volgende quizvraag wordt wel razendsnel beantwoord en vervolgens zingen we mee met die hit van Gloria Jones. Op die manier beleef ik de Top 2000 a Gogo jaarlijks.
De Top 2000 is misschien wel de meest voorspelbare lijst die aan het eind van ieder jaar langskomt. En om heel eerlijk te zijn luister ik ook helemaal niet naar de Top 2000 op Radio 2. Toch kijk ik met plezier naar de bijbehorende dagelijkse tv-show met Matthijs van Nieuwkerk op Nederland 3. Ieder jaar weet de show prachtige muzikale verhalen boven water te krijgen, zoals een fotograaf die een dag op pad was met een jonge Bono van U2. En Leo Blokhuis kan over zo’n beetje iedere plaat enthousiast een verhaal vertellen.
Zelfs als je helemaal niets met de muziek hebt, is Top 2000 a Gogo leuk om naar te kijken. Het is een gezellige pubquiz waarmee je die laatste dagen van het jaar mee doorkomt. En die hit van Gloria Jones? Tainted Love: 2 punten!
De klanken van het kerkkoor klinken stemmig. De oprijlaan is wit en de trappen van het paleis lijken te verraden dat vandaag nog niemand naar binnen of naar buiten is gegaan. Binnen kijkt ze statig in de camera. Handen over elkaar geslagen, rechte rug, tijd om het volk voor het komende jaar van advies te dienen.
Aan haar blik is te zien dat het geen feestelijk praatje wordt. Ze haalt diep adem en dan begint het. De basis moet sterk blijven, het maatschappelijk weefsel staat onder spanning, het komt aan op maatschappelijke verbondenheid en wie zich deelnemr voelt wordt ook gesterkt in het besef van eigenwaarde.
Terwijl ik mij afvraag hoeveel Nederlanders dit jaar werkelijk begrijpen waar ze het over heeft let ik op de kerstversiering. Een ring aan de rechter ringvinger, een wat kleinere zonder steen aan de linker pink. Gouden armbanden, een broche en een paar oorbellen maken het af. De huid in haar nek begint steeds losser te hangen valt me op. Haar stem is wel nog vast.
“Het is niet nodig om elkaar te overtuigen om elkaar te kunnen verdragen”, hoor ik nog. En dan is het plots voorbij. Schubert klinkt, de camera beweegt naar het sneeuwtapijt, het beeld wordt wit. Het feest kan beginnen.
“Ik houd de digital natives een spiegel voor.” Zo omschreef IJsbrand van Veelen zijn documentaire ‘iPod, iPhone, iAm‘ die gisteravond werd uitgezonden door de VPRO op Nederland 3.
Geïnteresseerd zat ik als zo’n digital native (iemand die opgegroeid is met computers) klaar voor de tv-spiegel, maar om eerlijk te zijn zag ik weinig reflectie in de documentaire. Er werd een oppervlakkig beeld geschetst van twintigers die opgaan in hun iPod, telefoon en social media. Iets wat veel mensen doen en ook een interessant onderwerp is, maar in deze vorm totaal oninteressant was.
De interviews met iPone, Facebook en Twitter-junks over hun drang om constant te updaten, misten diepgang. Waar komt het verlangen vandaan om dagelijks van al je 500 vrienden de updates te willen lezen? Ook werd er maar even ingegaan op de sociale gevolgen van al dat gefacebook.
De gehele documentaire werd aangevuld met nietszeggende quotes als: “We zijn alleen, maar toch niet”, en: “De uitknop bestaat niet meer”. Naast de nietszeggendheid, was ook de vormgeving tenenkrommend: een Windows 95-look aangevuld met Word-art. Welkom in 2010.
Nee, ‘iPod, iPhone, iAm’ hield mij geen spiegel voor. Dat moet ik zo maar even op Facebook posten.
De ochtend bij de Publieke Omroep is vanaf nu niet langer alleen het terrein van nieuwsshows, kindertelevisie en herhalingen. Gisterenochtend begon Omroep MAX met KoffieMAX. De ouderenomroep doet daarbij niets baanbrekends voor de genieters van het zwarte goud en grijpt terug op programmaonderdelen die we al jaren kennen.
Zo is er een tv-kok: Joop Braakhekke laat in de uitzending zien dat je voor vijftig euro een prima kerstdiner voor vier personen op tafel kunt zetten. Hij kookt live en vormt zo de rode draad in het programma. Een kloeke politieagente komt uitleggen hoe je veilig omgaat met onverwachte aanbellers. De Italiaan Alessandro Safina zingt twee liederen en een stel ‘gewone’ mensen laat weten wat het van de film ‘Burlesque’ vindt (fantastisch, geweldig en top).
Niets nieuws dus, maar daardoor heeft het allemaal meteen iets vertrouwds. Ook presentatrice Myrna Goossen staat er alsof dit al haar honderdste uitzending van KoffieMAX is. Ze lacht vriendelijk, is scherp en houdt de vaart er een beetje in. Een beetje, want de makers nemen ruim de tijd voor de onderwerpen die aan bod komen. Nee, de jeugdige kijker blijft niet snel hangen bij KoffieMAX. Maar voor de doelgroep, die dan tenslotte ook de meeste tijd om te kijken heeft, lijkt het me prima televisie.
Terug van jaren weggeweest en meteen weer een grote hit op televisie: Wie van de drie. Een panel, bestaande uit Ernst Daniël Smid, Martine Bijl, Arjan Ederveen en dit keer ook Karin Bloemen, moet raden wie van de drie mensen werkelijk is wie hij of zij beweert te zijn. Wie van de drie is de echte glazenwasser?
De komende weken zendt omroep Max elke vrijdag- én zaterdagavond een aflevering uit. “Nogal overdreven” was mijn eerste reactie, maar het bleek een goede beslissing van de ouderenomroep. Ruim tweeënhalf miljoen mensen keken dit weekeinde naar het spel.
Een groot succes dus. Waarschijnlijk omdat het programma voor de gemiddelde Max-kijkers een feest van herkenning was met het onveranderde format. De kijkers worden mee teruggenomen naar de jaren zeventig toen het programma op haar hoogtepunt was.
En ik geef toe: ook ik vind het ouderwetse spel wel vermakelijk. Ik betrap mezelf op verbazing wanneer niet kandidaat één, maar kandidaat drie de glazenwasser blijkt te zijn. Maar meer dan vermakelijk is het programma niet. Ik vraag me dan ook af of die tweeënhalf miljoen andere kijkers de komende weekenden weer voor de buis zitten of dat Max toch met een vernieuwend programma moet komen.
Niks mis met Martin Gaus, begrijp me niet verkeerd, maar vergeleken met The Dog Whisperer die ze bij National Geographic hebben, is Gaus maar een beetje een schreeuwerd.
Natuurlijk, ook bij Gaus gingen zelfs de irritantste keffertjes uiteindelijk netjes met de tanden op elkaar zitten. Daar kwam een hoop gezwaai met de armen bij, geduldig tien keer herhalen waarom de hond niet deed wat Gaus zei en natuurlijk om de drie seconden “Wat een prachtig beest!”. Maar hondenfluisteraar Cesar dos Cortados con Leche hoeft alleen maar te kijken.
Gisteren was hij in een Amerikaanse brandweerkazerne. De spuitgasten hadden een schatigge dalmatiër gekocht die niet wilde luisteren. Cesar wist er wel raad mee, en veranderde de puppy met geduldige aanrakingen, snoepjes geven en rennen op de loopband, binnen een handomdraai in een hulpdienstig brandweerhondje. Grote brandweermannen blij, klein hondje blij, Cesar blij.
Gaus zou dat ook gekund hebben. Was hij nog maar op televisie. Ik ben toch benieuwd of hij wat rustiger is geworden, of geleerd heeft van Cesar, en alleen maar hoeft te kijken naar zo’n beest.
Schrijft uw reisgenoot mee? Eminent! Wat volgt zijn onmogelijke zinsconstructies met zo veel mogelijk moeilijke woorden, zodat de schrijver wordt geconfronteerd met zijn gelimiteerde kennis van de Nederlandse taal.
Voor sommigen is al dat spellingsgedoe typisch geneuzel over pietluttigheden die een beetje spellingcontrole er wel uit filtert. Niet voor doorgewinterde taalnazi’s. Die blijven maar uitweiden over het belang van het correct gebruiken van de Nederlandse taal en het gevaar van diploma-inflatie door hyvende pabomeisjes. De vraag rijst of de teloorgang van onze gezamenlijke taal ook het geval is bij onze zuiderburen, die zitten immers niet op Hyves. Gelukkig zaten er in het dictee dit jaar geen belgicismes, anders zou het een valse strijd zijn geweest tussen de quasi-intellectuele Bekende Nederlanders en Vlamingen.
Mocht u abusievelijke taalconstructies in deze column tegenkomen, dan wordt u bij deze hartelijk uitgenodigd om te solliciteren naar de functie van eindredacteur bij deze krant?
Woedend zijn de ouders van Nederland. Robert M. is volgens de ronkende internetonderbuik een duivel, een kinderverkrachter, een smeerlap en een heel zieke viezerik. De straffen voor hem zijn ook al bedacht: branden in de hel, stenigen, vierendelen, ballen eraf, opensnijden met scheermessen of kogels door zijn knieschijven.
Hoe de kinderen zich voelen onder dit nieuws, en wat die kinderen daar zelf van moeten vinden valt in ieder geval niet op te maken uit het Jeugdjournaal. Opmerkelijk, want al hun volwassen nieuwscollega’s hadden gisteravond opnieuw uitgebreid aandacht voor Robert M. In het Jeugdjournaal ging het over paarden, Berlusconi die “jonge dames veel aandacht geeft” en HIV in Afrika. De wanpraktijken in het Hofnarretje draaien sinds dinsdagochtend niet meer mee.
Jeugdig Nederland is weliswaar maandag- en dinsdagochtend uitgelegd dat er een man is die ‘seksuele dingen gedaan heeft’ met kinderen en dat sommige mensen het ‘opwindend vinden’ om blote kinderen te zien. Wat die kinderen verder moeten met de reacties van ouders die wat minder genuanceerd zijn blijft buiten schot.
Juist het Jeugdjournaal zou op dit moment kunnen duiden en het gesprek tussen ouders en kinderen kunnen helpen. Aan de ene kant is het ontbreken begrijpelijk. Maar kinderen zijn niet dom. De waarheid blijft hard en onverbiddelijk. Een gemiste kans.
“Ik mis de natuur. Als het nu regent of sneeuwt merk ik niets, omdat ik binnen ben. Vroeger genoot ervan: regen is net muziek.” Ex-verslaafde Youssef vertelt in het programma Geloof en een Hoop Liefde over zijn tijd als dakloze.
Het programma portretteert iedere week drie bijzondere mensen die elk voor één van de drie hoofdonderwerpen van het geloof staan: geloof, hoop en liefde. Gisteren draaide de uitzending om Youssef die weer een dak boven zijn hoofd heeft en een paar keer per week een pan soep met ‘een hele hoop liefde’ maakt voor dak- en thuislozen. Ook was het programma op bezoek bij broeder Hugo, die als kluizenaar zijn dagen doorbrengt in een klein kerkje in Groningen, waar het naar eigen zeggen ‘een gezellige boel is met alle heiligen’.
Het is een mooi programma, ook voor mensen die net als ik niet vaak naar de EO kijken. Ik houd heel erg van portretjes van aparte mensen. Zeker als er geen vragen van de interviewer inzitten maar wél mooie stiltes en fijne plaatjes van details. Zoals dovende kaarsjes, terwijl broeder Hugo vertelt: “Hopelijk blijf ik hier tot ik omval op een dag.” Een zin waarin de drie elementen samenkomen.
Het is een lange tijd geleden dat ik echt ben ga zitten voor een televisieserie, maar Boardwalk Empire heeft mij sinds vorige week te pakken. Gisteravond zond BNN, na een lange week wachten, eindelijk de tweede aflevering uit van deze serie vol drank, misdaad en geweld.
Boardwalk Empire speelt zich af in Atlantic City in de jaren ’20. De Eerste Wereldoorlog is net voorbij en in de VS is officieel geen druppel alcohol meer te krijgen. Saaie boel, zou je zeggen, maar niet als je de hoofdpersoon van de serie volgt. Enoch “Nucky” Thompson is een lokale, corrupte politicus die ook in de onderwereld zit. Hij probeert goed geld te verdienen aan de drooglegging, maar wordt goed in de gaten gehouden door agenten.
Wie de moeite neemt om een klein uurtje naar Boardwalk Empire te kijken heeft het gevoel een goede film te zien. De beelden zijn prachtig geschoten en de muziekkeuze is bijzonder. Ook de verschillende verhaallijnen worden steeds interessanter, maar ontwikkelen zich wel een beetje langzaam. Om het compleet te maken zit er in Boardwalk Empire voldoende drank, seks, maffia en bedrog, waardoor het misschien wel een echte mannenserie is: Genieten van tieten, schieten en bandieten.